Cito-scores en de uitstroom naar het voortgezet onderwijs

Onze oudste dochter zit in groep 7. Nu weten we al een heleboel over Cito-toetsen en scores. En we hebben ons al een beetje verdiept in het voortgezet onderwijs. Want dit jaar, in groep 7, komt de overstap naar de middelbare school steeds dichterbij. En de Cito scores die je kind behaalt gaan een steeds grotere rol spelen. En in groep 7 wordt vaak al een voorlopig advies gegeven waarbij de leerkracht een schooladvies geeft waar je kind na groep 8 naar zal uitstromen. Tijd voor wat meer informatie over Cito-scores en de uitstroom naar de middelbare school.

Het voorlopig advies in groep 7

De meeste scholen geven in groep 7 al een voorlopig advies. Dat is handig want dan kun je je als ouder alvast gaan oriënteren op scholen waar je kind naar toe zou kunnen gaan. Het voorlopig advies in groep 7 wordt vaak gebaseerd op de gemaakte Entreetoets in combinatie met de andere toetsen uit het (Cito) leerlingvolgsysteem. En dan wordt met name gekeken naar de resultaten vanaf groep 6. Onze school maakt geen gebruik van een Entreetoets. Ze kijken alleen naar leerlingvolgsysteem. De scores voor begrijpend lezen en rekenen tellen het zwaarst mee voor het schooladvies. Begrijpend lezen is gewoon een super belangrijke vaardigheid. Want in bijna alle vakken moet je de tekst die je leest kunnen begrijpen. Denk bijvoorbeeld aan aardrijkskunde, geschiedenis. Je moet snappen waar de tekst over gaat. Rekenen is de basis is van wiskunde en is ook belangrijk bij de andere bètavakken, zoals natuurkunde en scheikunde.

Cito scores en schooladvies

Sinds enkele jaren zijn de basisscholen verplicht om te werken met een leerlingvolgsysteem. In dit systeem worden in ieder geval de vorderingen van de leerling op het gebied van taal en rekenen bijgehouden. Er bestaan verschillende leerlingvolgsystemen en scholen mogen zelf bepalen met welke toetsen en met welk leerlingvolgsysteem ze werken.

Onze school werkt met de Cito-scores en daarmee worden de vorderingen van de leerlingen gevolgd. Twee keer per jaar volgen de scores op de verschillende gebieden en zijn de scores van de afgelopen jaren af te lezen in grafieken. Deze grafieken geven in één oogopslag een duidelijk beeld van de resultaten en vorderingen van je kind de afgelopen jaren. Zo kun je soms een dipje zien of juist een flinke piek. En het is natuurlijk fijn om een stijgende lijn te zien.

De gegevens uit het leerlingvolgsysteem worden ook gebruikt voor het onderwijskundig schoolrapport. Dit rapport wordt geschreven op het moment dat je kind naar een andere basisschool gaat, of naar het voortgezet onderwijs. In het rapport staan de behaalde resultaten, maar ook gegevens over de ontwikkeling, het gedrag, het schoolverzuim en eventuele extra ondersteuningsbehoeften van je kind.

En wat iedere ouder natuurlijk wil weten, is welke Cito-score nu hoort bij welk niveau op het voortgezet onderwijs. En daar is onderstaande tabel dan weer handig voor:

Blogsbyingrid-Cito-score-tov-verwacht-niveau-VO

Lees ook: Het voortgezet onderwijs. Hoe zit dat nou eigenlijk?

Uit de tabel kun je makkelijk aflezen waar je kind waarschijnlijk terecht gaat komen. Natuurlijk is niet alleen de Cito-score belangrijk, maar ook andere belangrijke factoren, zoals zelfstandig werken, leermotivatie, huiswerkattitude, zelfvertrouwen en concentratie. Tegenwoordig wordt gekeken naar het totaalplaatje en niet alleen naar de Cito-scores. Ik ben heel benieuwd waar onze meiden terecht gaan komen. Ergens in het voorjaar gaan we daar met de juf van Anne in ieder geval al over praten. In de tussentijd wordt de kinderen op school al uitleg gegeven over de middelbare school en kunnen we er ook thuis over praten.

Wat is het beste?

Dat is eigenlijk een hele foute vraag. Maar Anne kwam laatst thuis en we hadden het even over de middelbare school. We waren benieuwd in hoeverre ze al een beetje wist hoe dat in elkaar zit. Ze gaf aan dat ze het een beetje wist. Ook vertelde ze dat een jongen op school had gezegd dat gymnasium het beste was en de rest wat slecht(er). Nou, daar denken wij wat genuanceerder over.

We hebben Anne uitgelegd dat alles goed is en dat we samen iets gaan kiezen, dat het beste bij haar past. Ook hebben we de verschillen een beetje uitgelegd. Heel eenvoudig, Ik heb haar aangegeven dat je op de HAVO en VWO bijvoorbeeld heel veel moet leren en lezen. Dat je dus veel met je neus in de boeken zit. Maar dat, wanneer je bijvoorbeeld kapster wilt worden, dat anders is. En dat was zo mooi, want dat vulde ze zelf al aan. Ze zei:” dan heeft het helemaal geen zin om boeken te lezen, dat moet je gewoon doen!” En zo is het ook. Bij het een moet je meer boeken lezen en bij het ander ben je meer in de praktijk bezig. Dat vond ik een mooie uitleg en een mooi begin voor een gesprek over de verschillende niveaus op het voortgezet onderwijs.

Geef een reactie